Je wilt niet alleen laten zien wat mensen doen
Misschien staan er op jullie werken-bij-pagina al portretten van medewerkers. Foto’s van het kantoor. Iemand achter een laptop. Een overleg. Een teamfoto.
Technisch kan dat allemaal prima.
En toch kan er iets ontbreken.
Je ziet waar mensen werken en wat ze ongeveer doen, maar je voelt nog niet hoe het is om daar zelf tussen te staan.
Terwijl juist dat gevoel belangrijk is.
Een toekomstige medewerker kijkt natuurlijk naar een functie, arbeidsvoorwaarden en mogelijkheden. En ergens daaronder speelt ook iets anders:
Pas ik hier?
Hoe gaan deze mensen met elkaar om?
Kan ik mezelf hier zien werken?
Fotografie kan daar veel in betekenen.

Een nette foto vertelt nog niet hoe het is om ergens te werken
Een employer-brandingfoto mag mooi zijn. Sterker nog, ik gebruik alles wat ik als fotograaf tot mijn beschikking heb om een beeld sterker te maken.
Licht. Kleur. Standpunt. Beweging. Uitsnede.
Alleen moet het beeld wel blijven kloppen met de werkelijkheid.
Daar gaat het soms mis.
Een medewerker wordt bijvoorbeeld gefotografeerd in een situatie die normaal helemaal niet voorkomt. Of er worden modellen gebruikt in plaats van de mensen die daadwerkelijk bij de organisatie werken.
Dan kan het beeld er prachtig uitzien, maar ergens voelt het niet meer echt.
Je gaat richting stockfotografie.
En daarmee raak je juist kwijt wat jouw organisatie eigen maakt.
Het mag dus best iets netter zijn dan op een gemiddelde dinsdagmiddag. Het hoeft alleen niet zo clean of gestileerd te worden dat je medewerkers zichzelf er niet meer in herkennen.

Begin niet met een lijst foto’s, maar met het verhaal
Voor een employer-brandingshoot wil ik daarom eerst begrijpen wat een organisatie als werkgever herkenbaar maakt.
Niet alleen wat er op de website staat.
Juist ook de dingen die tijdens een gesprek bijna terloops worden verteld.
Dat vind ik vaak het interessantste.
Tijdens een ontdekkingssessie bij Transportbedrijf De Rooy in Houten kwam bijvoorbeeld pas wat later in het gesprek naar voren hoeveel het bedrijf voor de mensen in de omgeving doet.
Voor hen was dat eigenlijk heel gewoon.
Natuurlijk zorgen we voor onze medewerkers. Natuurlijk hebben we contact met de buurt. Natuurlijk werken verschillende generaties samen.
Alleen is iets wat voor jou heel normaal is, voor iemand van buiten soms juist bijzonder.
Precies daar kunnen interessante verhalen zitten.

Zoek naar het gedrag achter de woorden
Organisaties gebruiken vaak woorden als betrokken, persoonlijk, familiebedrijf of korte lijnen.
Daar is niets mis mee.
Alleen zegt een woord op zichzelf nog niet zoveel.
Interessanter vind ik de vraag:
Hoe ziet dat er hier uit?
Als je zegt dat jullie een familiebedrijf zijn, waar zie ik dat dan aan?
- Misschien aan een oudere medewerker die een jongere collega op weg helpt.
- Aan verschillende generaties die samen aan een klus werken.
- Aan mensen die tijdens de lunch niet ieder in hun eigen hoek verdwijnen.
- Aan de manier waarop iemand even bijspringt zonder dat daar een overleg voor nodig is.
- Of aan wat een organisatie doet voor de mensen die letterlijk om het bedrijf heen wonen.
De medewerkers zelf weten vaak waar het echte verhaal zit
Daarom vind ik het belangrijk om tijdens een fotoshoot ook met medewerkers te praten.
Waar ben je trots op?
Wat vind jij bijzonder aan werken hier?
En stel dat morgen een nieuwe collega begint: wat zou die persoon volgens jou moeten weten of voelen?
Dat levert regelmatig hele andere antwoorden op dan wanneer je alleen met management, HR of communicatie praat.
En dat is logisch.
De mensen op de werkvloer ervaren iedere dag wat de cultuur werkelijk betekent.
Soms zit daar één sterk verhaal.
Soms zijn het er vier of vijf.
Er bestaat voor mij daarom geen vast template waaraan iedere organisatie moet voldoen.
Het gaat om wat er bij jullie werkelijk speelt.

Fotografeer ook wat er tussen het werk door gebeurt
Vooraf kun je veel bedenken en plannen.
En tijdens het fotograferen wil ik juist mijn ogen openhouden voor alles wat niet op die planning stond.
- Een lach tijdens een overleg.
- Iemand die even helpt.
- Een blik tussen twee collega’s.
- De ontspannen manier waarop mensen bij elkaar binnenlopen.
- Een gesprek tijdens de lunch.
Dat zijn kleine momenten.
En juist in die momenten voel je vaak veel beter hoe mensen met elkaar omgaan dan in een situatie die speciaal voor de camera is opgebouwd.
Hoe beter we vooraf weten welke verhalen belangrijk zijn, hoe meer ruimte er tijdens het fotograferen ontstaat om verrast te worden.

Maak niet drie keer bijna dezelfde foto
Een goede werken-bij-pagina heeft verschillende soorten beelden nodig.
Niet omdat je zoveel mogelijk foto’s moet verzamelen.
Juist omdat niet ieder beeld hetzelfde verhaal hoeft te vertellen.
Van één situatie wil ik bijvoorbeeld misschien een overzicht maken waarin je de omgeving ziet.
Daarna dichterbij.
Misschien een detail van handen die aan het werk zijn.
Een portret tussendoor.
Een horizontaal beeld.
Een verticale uitsnede.
Een rustig beeld met ruimte ernaast voor tekst.
En een beeld waarin juist beweging zit.
Daardoor krijg je geen serie van drie foto’s die bijna hetzelfde zijn, maar beelden die allemaal een andere functie kunnen krijgen.

Bouw een beeldbank waar je echt iets aan hebt
Een employer-brandingshoot wordt misschien georganiseerd voor een nieuwe werken-bij-pagina.
Alleen houdt het gebruik van de beelden daar meestal niet op.
Je wilt ze later misschien ook gebruiken voor:
- Een vacature.
- LinkedIn.
- Een recruitmentcampagne.
- Een flyer.
- Een presentatie.
- Interne communicatie.
- Of zelfs groot in een abri.
Daarom bespreken we vooraf ook waar de beelden voor gebruikt gaan worden.
Dat heeft direct invloed op hoe ik fotografeer.
Soms lever ik daarbij ook beelden waarvan iemand vooraf niet had bedacht dat ze nodig waren.
En juist dat vind ik leuk.
Dat je later naar een foto kijkt en denkt:
Oh gaaf. Daar kunnen we óók iets mee.
Voor mij is dat het verschil tussen alleen foto’s afleveren en samen een bruikbare beeldbank bouwen.
Welke beelden krijgen voorrang?
Niet iedere organisatie kan alles op één dag fotograferen.
Dan kijk ik vooral naar twee dingen.
Waar kunnen we zoveel mogelijk variatie maken?
En waar ligt op dat moment de grootste behoefte?
Misschien is er een werkruimte waar verschillende medewerkers en werkzaamheden samenkomen. Dan kun je daar in relatief korte tijd veel verschillende verhalen fotograferen.
Of er staat al langere tijd een vacature open waarvoor nieuwe beelden hard nodig zijn.
Dan kan het logisch zijn om dat verhaal als eerste zichtbaar te maken.
Zo ontstaat stap voor stap een beeldbank die steeds completer wordt.

Uiteindelijk gaat het om gevoel
Als iemand jullie werken-bij-pagina bekijkt, hoeft diegene daarna niet alles van jullie organisatie te weten.
Maar er mag wel iets zijn gaan leven.
Een gevoel.
Dit lijkt me een fijne plek.
Deze mensen voelen echt.
Ik denk dat ik hier tussen zou passen.
Dat gevoel ontstaat niet vanzelf.
Als fotograaf gebruik ik licht, kleur, uitsnede, standpunt, beweging en alles wat ik in de loop der jaren heb geleerd om dat gevoel zo goed mogelijk naar beeld te vertalen.
Niet om een werkelijkheid te maken die er niet is.
Juist om zichtbaar te maken wat er al is.

Dus welke foto’s heb je nodig voor een goede werken-bij-pagina?
Meestal is het een combinatie van echte werkmomenten, samenwerking, portretten, omgeving, informele momenten en details die iets vertellen over jullie cultuur.
Alleen begint de echte vraag voor mij ergens anders:
Wat moet een toekomstige medewerker over jullie kunnen zien én voelen?
